Westhoek zette in twee jaar grote stappen richting waterveiligheid
Een derde van de korte termijnacties die de Taskforce Weerbare Westhoek formuleerde, zijn twee jaar na de hoge waterstanden in het IJzerbekken afgerond. Intussen wordt gewerkt aan de formulering van de acties op middellange en lange termijn om het bekken voor te bereiden op zowel natte als droge perioden als de bewaking van de waterkwaliteit. Want beide vormen een uitdaging.
De Taskforce Weerbare Westhoek focust zich op de watergebonden uitdagingen in het IJzerbekken en blijft op regelmatige basis de voortgang van de acties opvolgen. Ze bestaat uit vertegenwoordigers van De Vlaamse Waterweg nv, de Vlaamse Milieumaatschappij, de Vlaamse Landmaatschappij, het West-Vlaamse provinciebestuur, de betrokken polderbesturen en experten.
“Tijdens het eerste jaar namen we een blitzstart” zegt West-Vlaamse provinciegouverneur en covoorzitter van de taskforce Carl Decaluwé. “We willen zo snel mogelijk klaar zijn met de korte termijn-maatregelen om een herhaling van de dreiging eind 2023 te vermijden. Op vandaag zijn al 24 acties afgerond. Dat is een derde van het totaal maar daarmee is de kous niet af. Slechts de realisatie van het gehele actieplan biedt de streek op korte termijn weerstand tegen een nieuwe natte periode. En hoewel al veel gerealiseerd is, blijft de nood aan een meerjarenprogramma groot. We moeten versnellen en samenwerken, ook met Frankrijk, om de Westhoek structureel te beschermen. Daarom blijven we de vinger aan de pols houden.”
De inwoners van de Westhoek ondervinden vandaag al zichtbaar de resultaten van enkele korte termijnacties.
De Vlaamse Waterweg versterkt haar onderhoudsinspanningen en zet in op vernieuwing van haar infrastructuur. Begin dit jaar was er een slibruiming op de Oude Veurnevaart. Vorige maand startten de baggerwerken in het kanaal Ieper-IJzer. Eind dit jaar is ook de IJzer nog aan de beurt en wordt de IJzer voor het volledige traject van Roesbrugge tot Nieuwpoort op diepte gebracht. Deze ingrepen dragen bij aan een betere waterafvoer, verhoogde veiligheid en een vlottere bevaarbaarheid van de rivier.
Ook voor enkele onbevaarbare waterlopen is de afvoercapaciteit verhoogd na slibruiming. De Vlaamse Milieumaatschappij verwijderde ca. 10.000m³ slib uit de Houtensluisvaart en 15.000m³ slib uit de Stenensluisvaart. Beide waterlopen zorgen voor de afvoer van het overstromingswater vanuit de IJzer dat in het broekengebied tijdelijk gebufferd wordt bij hoge regenval. De Provincie West-Vlaanderen legde gecontroleerde overstromingsgebieden aan, onder andere aan de Blekerijbeek in Ichtegem.
De Vlaamse Landmaatschappij maakt concrete inrichtingsdossiers mogelijk door het aankopen en ruilen van gronden zoals in Roesbrugge, Leisele en in het stroomgebied van de Machuitbeek.
Niet alle maatregelen zijn even zichtbaar. Naast de pure terreinmaatregelen, dit zijn 50 van de 75 korte termijnacties, wordt ook studiewerk verricht en ingezet op communicatie en sensibilisering. De haalbaarheidsstudie voor geïntegreerde bufferbekkens in zeven verschillende gemeenten met koppelkansen voor industrie, landbouw, natuur en recreatie is afgerond. Het meetnet wordt uitgebreid. Een modelleringsstudie om overstromings- en droogterisico te verminderen onder verschillende klimaatscenario’s is bijna afgerond. Het onderzoeksrapport wordt in de loop van december verwacht en zal mee de basis vormen voor het afwegen van de terreinmaatregelen in het meerjarenplan.
Slechts 3 korte termijnacties zijn nog niet opgestart. Ze houden verband met de optimalisering van de elektromechanische installatie van de sluizen in Nieuwpoort en Veurne. Deze acties starten samen op na de afronding van de lopende modelleringsopdracht, vermoedelijk in de loop van 2026.
“Vanuit de taskforce is het onze opdracht om nauwgezet de voortgang op te volgen van de nog 48 lopende acties en de 3 die nog op te starten zijn”, benadrukt waarnemend gedelegeerd bestuurder en covoorzitter van de taskforce Krista Maes. “De voortgang van de acties op korte termijn zit op schema om zoals voorzien eind 2028 te landen. Daarnaast focussen we ons op de acties die de weerbaarheid op langere termijn moeten versterken. Dat meerjarenprogramma willen we volgens de vooropgestelde planning eind 2026 aan de Vlaamse Regering bezorgen.”
De taskforce bewaakt ook de budgettaire aspecten van het actieplan. Een groot deel van de middelen komen van de Vlaamse Overheid. Verschillende projectpartners kunnen ook beroep doen op subsidies van de Europese Unie via EFRO/FIO, Interreg VI of Blue Deal (Strategische Gebieden of Blue Deal Lokale gebiedscoalities Water+Land+Schap).